Een groep judoka's pakt elkaar vast aan de rever en vormt een kring. Als kring zijnde proberen ze elkaar te vloeren. Degene die met een ander lichaamsdeel dan zijn voeten de grond raakt is af. De laatste twee judoka's die op deze manier overblijven, maken een randori tachi waza. Top
Top
Twee tikkers geven elkaar de hand en proberen de anderen te tikken, zonder elkaar los te laten. Als er iemand getikt is, wormt dat drietal een sliert die zonder elkaar los te laten, als de nummer vier wordt getikt, splits de sliert in twee duo's van tikkers. Top
In tweetallen leggen judoka's een pacours af, waarbij judoka A eerst bok is waar B overheen moet en daarna gaat A met zijn benen wijdstaan, en judoka B kruipt er tussendoor. Dan staan Judoka A gewoon recht staan en judoka B maakt Ippon-Soei-Nage. Daarna wisselen A en B de rollen om. Top
De groep judoka's wordt gesplits in twee groepen. Een judoka van beide groepen is de koning(in). Beide groepen vallen elkaar aan en proberen de judoka's van de andere groep in de houdgreep te nemen. Als dat gelukt is, mogen ze vragen of degene die in de houdgreep ligt koning(in) is. Is dat het geval, dan heeft die partij de koning(in) ondekt en is gewonnen. Is dit niet het geval, laten ze elkaar los en gaan ze opzoek naar de echte koning(in). Top
Twee judoka's pakken elkaar vast bij de rever en proberen zo snel mogelijk de commando's van de judoleraar op te volgen (buik,rug,knieen,staan,etc) Degene die het laatste is, is af. Top
De judoka's vormen van hun band een cirkel, die ze in het middelste gedeelte van de mat leggen. Daarna rennen ze over de buitenste matten rondjes. Op het teken van judoleraar, zoeken ze zo snel mogelijk een band op om er in te gaan staan. Na elke ronde, haalt de judoleraar banden weg, waardoor er steeds meer judoka's afvallen. Top
Twee judoka's staan op ongeveer 50 cm van elkaar en proberen elkaar tegen de handen uit belans te duwen. Echter mag de ander ook zijn handen wegtrekken. Elke keer dat judoka A zijn voeten verplaats , levert dat judoka B een punt op. Top
De judoka's liggen met tweetallen op de buik op de mat in een cirkel. Een judoka is de tikker, en een judoka moet getikt worden. De judoka die getikt moet worden, kan langs een tweetal gaan liggen en vormt dan een drietal. De genen die dan aan de andere kant de buitenste is, is dan degene die getikt moet worden en rent weg. Als de tikker erin slaagt iemand te tikken, draaien de rollen om. (Variatie: de middelste judoka moet wegrennen als er iemand naast komt liggen zo een drietal vormt, of als iemand naast een tweetal gaat liggen, wisselen de rollen van de tikker en degene die getikt moet worden, zich om. Top
Twee judoka's staan tegenover elkaar en proberen de schouders van elkaar aan te tikken. Uiteraad mag er ontweken worden. Degene die het meeste de schouders van de ander aanraakt, heeft gewonnen.(Variatie: de judoka's proberen elkaars, knie aan te tikken.) Top
Alle judoka's krijgen een slip/lintje en doen dit achter aan hun band. Daarna proberen ze zoveel mogelijk slipjes/lintjes van elkaar weg te halen. Degene die de meeste slipjes/lintjes heeft verzameld, is de winner.(Variatie: een judoka probeert bij iedereen het slipje achter de band weg te trekken. Degene die zijn slipjes/lintjes heeft verloren is af) Top